




Kasteel van Schalkhoven
Schalkhovenstraat
Schalhoven/Hoeselt
Provincie Limburg


Het kasteel maakte geen deel uit van de heerlijkheid Schalkhoven. Het was een herenhoeve
die ca.1600 door Richard van Elderen werd gebouwd; achtereenvolgens in het bezit
van de familie Vaes (1607), van Eyll (1665), de Heusch, Barthels (1776) en de Borman
(1836). Het kasteel is een compact geheel dat zich ten noordwesten van de hoeve bevindt;
l.g. heeft een langgerekte U-
De toegang tot het kasteel gebeurde oorspronkelijk uitsluitend via de noordwest zijde,
waar de Ferrariskaart (1771-
Het eigenlijke kasteel heeft een rechthoekig grondplan met torenachtige uitsprongen aan de hoeken van de noordwestelijke gevel en hoekrisalieten in de zuidoost gevel.
De kern van het gebouw dateert uit 17e te oordelen naar de vorm van de gesmeed ijzeren
muurankers en de twee kloosterkozijnen die in de zijwand van het oostelijk risaliet
bewaard bleven: ze zijn voorzien van een kalkstenen omlijsting met onregelmatige
negblokken, afgeschuinde neg in het bovengedeelte en sponningbeloop in het benedengedeelte,
dat oorspronkelijk beluikt was; van het bovenste venster werden de dorpels vernieuwd,
het benedenvenster heeft een mijtervormige latei; het uitzicht van deze vensters,
mogelijk van hergebruikt materiaal, verwijst naar de 17e eeuw. Het is dit 17e eeuws
gebouw dat afgebeeld staat op de Ferrariskaart. In de laatste decennia van 18e eeuw
werd het geheel aangepast in Lodewijk XVI-
Het is thans een geelgeschilderd bakstenen gebouw onder schilddaken (leien), en tentdaken bekroond met dakruiters boven de torens; afgewolfde dakkapellen. Verhoogde begane grond met in de noordwestelijke gevel en de torens een hoge plint afgelijnd met een mergelstenen band. Kroonlijst op houten modillons. Mergelstenen hoekbanden, mogelijk van hergebruikt materiaal. Rechthoekige vensters in een vlakke, kalkstenen omlijsting met dunne druiplijst, oorspronkelijk beluikt in de zuidwestelijke zijde. De vensters van de drie middentraveeën van de zuidoostelijke gevel zijn een houten imitatie van de andere vensters. De deur in de noordwestelijke gevel is rechthoekig in een geprofileerde kalkstenen omlijsting met neuten en druiplijst; de deur in de andere gevel is hiervan een houten imitatie. De deur is voorzien van een vrij recente trap, de trap van de achtergevel is van kalksteen met gesmeed ijzeren heken kan een vervanging zijn van een oudere trap. De middentraveeën van de zuidoostelijke gevel is voorzien van een driehoekig fronton waarbinnen een halfrond, bakstenen venster met een klokje erboven.
De hoeve dateert eveneens uit 17e eeuw, doch hier bleef de oude kern beter bewaard.
Het volume onderging waarschijnlijk wel wijzigingen: de zuidoostelijke gevel van
het gebouw dat de twee parallelle vleugels met elkaar verbindt vertoont een met mergelstenen
hoekbanden afgewerkte bouwnaad; dit kan erop wijzen dat deze verbindingsvleugel van
latere datum is dan de twee parallelle vleugels, hoewel de U-
Geelgeschilderde bakstenen gebouwen van twee bouwlagen. onder zadel-
Het woonhuis bevindt zich in de drie westelijke traveen van de zuidwestelijke vleugel. Het oorspronkelijke woonhuis schijnt zich te beperken tot de twee rechter traveen: hiervan resten twee kloosterkozijnen in de bovenverdieping, in een mergelstenen omlijsting met negblokken Het kloosterkozijn in de eerste, linker .travee dateert uit een latere periode, aangezien het gedeeltelijk in de omlijsting van een thans gedichte poort is aangebracht. De benedenverdieping werd aangepast: een getoogde deur in een omlijsting van hergebruikt materiaal uit 17e eeuw kalksteen met sluitsteen en neuten. De twee gecementeerde vensteromlijstingen van de benedenverdieping imiteren deze stijl. Zoals vermeld bevond zich in de huidige eerste travee van het woonhuis oorspronkelijk een rondboogpoort in een waarschijnlijk mergelstenen omlijsting met imposten. Verhoogde begane grond met recente trap voor de deur.
De rest van deze vleugel bevat stallingen. Uit de 17e eeuw resten vier rondboogvormige staldeuren in een kalkstenen omlijsting met onregelmatige negblokken, sluitsteen en imposten. Twee rechthoekige bovenvensters hebben een omlijsting van materiaal uit dezelfde periode, mogelijk hergebruikt. De overige muuropeningen zijn van recente datum, op de getoogde deur na, in een 18e eeuwse omlijsting .
De achtergevel van het woonhuis is voorzien van kalkstenen lichtspleten, die van de stallen is blind. Twee recente vensters. Tegen de achtergevel van het woonhuis staan perenbomen, en hier bevindt zich de moestuin.
De noordoostelijke vleugel omvat de ruime, dubbele dwarsschuur. De gevelordonnantie met de twee bakstenen rondboogpoorten dateert uit 19e eeuw. Een stal of knechtenkwartier in de linker travee is voorzien van een paar getoogde, 19e eeuwse muuropeningen, twee deuren uit 18e eeuw, waarvan één gedicht, en een rechthoekig laadventer in een vlakke kalkstenen omlijsting. Op de oude kern en het feit dat deze vleugel oorspronkelijk niet met de tegenover liggende verbonden was, wijst een kalkstenen rondboogdeurtje binnen een poortopening van de haaks aansluitende verbindingsvleugel. Tegen de achtergevel werd voor kort een ruim dienstgebouw opgetrokken.
De noordwestelijke zijgevel aan de zijde van het kasteel is voorzien van recente,
mergelstenen kozijnen en een gevelsteen met het wapenschild van ridder Theodore de
Borman (1803-
Ten noordoosten van de hoeve bevinden zich twee recentere gedeelten in neo-
De verbinding met de moordoost vleugel van de hoeve wordt gevormd door een inspringend
gedeelte, waarschijnlijk het 19e eeuws wagenhuis, met twee getoogde bakstenen poorten,
en op de bovenverdieping vakwerkbouw met kloosterkozijnen en St.-

|
Noorderbreedte Oosterlengte |
50°50'12.87"N 5°27'4.33"O |