

specials:
©2010 Guus
Pauwels
Disclaimer
bezoeker
Laatste update
21 maart 2012





|
Noorderbreedte Oosterlengte |
51° 52' 41.39" N 5° 5' 24.66" E |
Tot 1986 was Heukelum een Zuid Hollandse gemeente. In dat jaar werd Heukelum bij de gemeentelijke herindeling bij de Gelderse gemeente Varik gevoegd. In 1987 kreeg deze gemeente de naam Lingewaal. Kasteel de Merckenburg, of ook wel heerlijkheid van Heukelum genoemd, ligt circa 1 km ten westen van het stadje, aan de Linge die van Leerdam naar Gorinchem stroomt. Het is een zwaar vierkant gebouw dat omgeven is door een gracht. Via een ophaalbrug is het kasteel verbonden met de voorburcht. Het geheel is te bereiken via een honderd meter lange oprijlaan. De zware poorttoren bevindt zich aan de westkant.
Mogelijk werd het kasteel in de 13e eeuw gesticht door de familie Ten Goye. In 1335 stierf het geslacht in mannelijke lijn uit en erfdochter Margriet Ten Goye kreeg de heerlijkheid in haar bezit. Haar echtgenoot, Hendrik van Vianen werd in 1347 door de bisschop Jan van Arkel wegens vertrek naar het buitenland, tot één van de zes voogden van het Sticht benoemd. Bij zijn terugkomst in 1352 ontzette de bisschop de voogden uit hun ambt, die het daar niet mee eens waren en de strijd aanbonden met de bisschop. Na de dood van Hendrik zette diens zoon Gijsbert de strijd voort. In mei 1353 werd de Merkenburg belegerd en verwoest.
De tweede maal dat het kasteel verwoest werd was in 1672 door de Fransen. Maar rond 1700 was het weer hersteld met gebruikmaking van middeleeuws materiaal.
Een van de meest markante bewoners van het kasteel was Rudolph Alexander, baron van Heeckeren van Brandsenburg, die in 1909 werd geboren en in 1980 te Gorinchem overleed. Hij was van 1932 tot 1940 cavalerist geweest en werd na de tweede wereldoorlog officier (majoor) bij de Marechaussee. Hij had een feodale instelling. Zo dacht hij gelijk bedient te moeten worden, zodra hij een winkel binnenstapte, en mocht dit niet gebeuren dan liet hij dat op niet mis te verstane wijze blijken. Hij vond ook dat het kasteel familiebezit moest blijven in de staat zoals hij die gekend had.

