

specials:
©2010 Guus
Pauwels
Disclaimer
bezoeker
Laatste update
21 maart 2012




Kasteelruïne Goudenstein
De Dreef
4175 AH Haaften
Provincie Gelderland

|
Noorderbreedte Oosterlengte |
51° 48' 52.38" N 5° 12' 45.65" E |

De toren van Goudenstein te Haaften is het enige restant van het 14e eeuwse kasteel van Haaeften dat later Goudenstein genoemd werd. Over de geschiedenis van kasteel Haaften is weinig bekend. Goudenstein werd gebouwd en bewoond door leden van het geslacht van Haeften die sinds de 13e eeuw al worden genoemd. Ze bleven drie eeuwen de scepter over Goudenstein zwaaien, totdat het geslacht in 1608 in mannelijke lijn uitstierf. Toen de laatste telg, Walraven van Haeften in dat jaar overleed, erfde zijn zus Theodora het kasteel. Door haar huwelijk kwam het in bezit van het geslacht Van Brederode. In die tijd bestond het kasteel vermoedelijk uit vier, rond een binnenplaats gebouwde woonvleugels met hoektorens. Het kasteel werd echter in 1672 door de Franse troepen van Lodewijk XIV verwoest. Alleen de huidige toren bleef overeind. Na het geslacht van Brederode wisselde het kasteel door verkoop verscheidene malen van eigenaar totdat de ruïne in 1712 in bezit kwam van de familie Dutry van Haeften, die het tot 1975 in eigendom hielden. In dat jaar besloot mr. G. Dutry van Haeften de toren over te dragen aan de Stichting Vrienden der Geldersche Kastelen. Voorheen had Dutry in 1969 de toren al laten consolideren en voorzien van een leien gedekte spits. Het monument staat nu in de achtertuin van twee woningen.
De huidige toren is 19 meter hoog met een diameter van 3,5 meter . Het gevaarte is in twee keer gebouwd. Op halve hoogte zijn sporen van kantelen in het muurwerk zichtbaar, die wijzen op een vroegere weergang op deze hoogte. De muur van het onderste deel van de toren is 1,10 meter . Eind 15e eeuw of begin 16e eeuw werd de toren verhoogd. De muren van dit bovenste deel zijn slechts 25 centimeter dik. Muurfragmenten van het verdwenen hoofdgebouw, die nog aan de toren vastzitten, geven aan dat het hoofdgebouw moet hebben bestaan uit een overwelfde kelder, drie verdiepingen telde en een zolder had onder een zadeldak. De torens waren te smal voor trappen waardoor de ruimtes in de torens slechts per verdieping via het hoofdgebouw toegankelijk waren.

