

specials:
©2010 Guus
Pauwels
Disclaimer
bezoeker
Laatste update
21 maart 2012




Kasteel Gemert
Ridderplein 13
5432 CW Gemert
Provincie Brabant

|
Noorderbreedte Oosterlengte |
51° 33' 13.79" N 5° 40' 51.62" E |

Kasteel Gemert kent een geschiedenis die terug gaat tot 1249. Uit dit jaar is een akte bekend waarin de heerlijkheid al vermeld wordt. Het kasteel zelf dateert waarschijnlijk pas uit het begin van de 15e eeuw. De poortdoorgang dateert uit deze periode. Het daarnaast gelegen zuidwestelijk paviljoen met fraaie uitkragende spietorentjes behoort tot de oudste gedeelten van het complex, maar is van iets later datum, namelijk uit de 16e eeuw. De andere bouwwerken werden pas later opgetrokken. De buitenhof met poorttoren is 17e eeuws.
De heerlijkheid kende in de 14e eeuw 2 eigenaren. Het geslacht van Gemert en de ridders van de Duitse Orde. Dit zorgde nogal eens voor problemen. Er was een machtsstrijd tot 1363. De hulp van de hertog van Brabant werd ingeroepen toen de kerk van de Duitse Orde geplunderd en gebrandschat werd. Diederik van Gemert kreeg door de hertog een fikse boete opgelegd, die zo groot was dat hij gedwongen was zijn aandeel aan de heerlijkheid te verkopen aan De Duitse Orde die vanaf toen de enige eigenaar was.
De Duitse Orde was een geestelijke organisatie, onder pauselijke bescherming, die
tijdens de derde kruistocht zorgde voor verpleging van zieken en gewonden. Deze Orde
verwierf veel bezittingen, macht en aanzien. Toch verloor de Commanderij van Gemert
langzaam aan, niet alleen bezittingen maar ook kerkelijke macht. Aan het einde van
de 17e eeuw telde de commanderij, die tot dan onder het gezag van de landscommandeur
van de balij Alden Biesen in Bilzen, nabij Maastricht, viel, nog maar enkele bewoners.
De landscommandeur werd niet meer uit de Nederlandse maar uit de Duitse adel gerekruteerd.
Zo werd Damiaan Hugo, graaf Schönborn, kardinaal, prins-
Franse troepen staken daar een stokje voor en bezetten onder leiding van generaal Oudinot in 1794 het kasteel dat ze later weer volledig uitgewoond verlieten. In 1813 kocht Adriaan van Riemsdijk het kasteel en verhuurde het in gedeelten waardoor het verschillende bewoners kreeg, onder wie jonkheer Scheidius die een restauratie liet uitvoeren.
In 1881 werd het complex gekocht door de Franse Jezuïeten, die er ondanks de brand
van 1883 waadoor het kasteel veel schade opliep, bleven wonen tot de eerste wereldoorlog.
Toen werd het in dienst genomen als missiehuis voor de paters van de Congregatie
van de Heilige Geest, waar oud-

