

specials:
©2010 Guus
Pauwels
Disclaimer
bezoeker
Laatste update
21 maart 2012




Havezate de Cloese
Zwiepseweg, Keppelllaan
7241 PX Lochum
Provincie Gelderland

|
Noorderbreedte Oosterlengte |
52° 9' 12.35" N 6° 26' 3.84" E |

De Cloese ligt aan de Zwiepse weg in de gemeente Lochem en werd in 1520 op een pol
in de rivier de Berkel door de Lochemse kanunnik Sweeder van Kervenheim gebouwd.
Hertog Karel van Gelder verleende hem toestemming de benodigde bouwmaterialen uit
het sloopmateriaal van “den Wildenborch“, bij Vorden, te halen. In 1535 werd de Cloese
erkend als Havezate. Een havezate was in de Achterhoek een huis dat zekere rechten
bezat, verglijkbaar met de ridderhofsteden in het Utrechtse Sticht. Zo was aan het
bezit van een havezate een plaats in de ridderschap van de provincie verbonden en
daarmee gelijk meestal ook ontheffing van belastingplicht, de voornaamste reden van
de adel te streven een havezate in eigendom te krijgen. Daarna onderging kasteel
de Cloese minstens driemaal ingrijpende verbouwingen. De plaats waar de Cloese gebouwd
werd behoorde tot het goed Reynering, van de gelijknamige familie die in documenten
voor het eerst in 1379 vermeld wordt. In 1403 was Johan ter Cluse eigenaar. Hij was
zijn vader Claes Ter Clusen Reyneringh opgevolgd. De laatste telg uit dit geslacht
in mannelijke lijn, vermoedelijk in krijgdienst, werd vermist waardoor zijn zus Catrin
het goed beheerde en het in 1520 overdeed aan Sweeder van Kervenheim. In 1536 kwam
het in handen van hertog Karel van Gelder, die het ruilde tegen kasteel Cannenburg
bij Vaassen. De nieuwe bezitter werd Derck van Keppel. De problemen die na het overlijden
van de laatste telg uit dit geslacht in 1602 ontstonden, verdwenen pas toen in 1637
Herman Schimmelpennick van der Oye de failliete boel kocht. Deze familie liet het
kasteel restaureren en uitbreiden. De nazaten van de Schimmelpennicks verkochten
het kasteel aan Frans Jan van Heeckeren tot Enghuizen. Lodewijk van Heeckeren, gehuwd
met de steenrijke fabrikantendochter Jacoba Catharina Petronella Du Tour, liet het
huis einde 18e eeuw verbouwen tot een rechthoekig, neoclassicistisch gebouw. In 1828
deed Lodwijk het landgoed, inclusief de erbij horende voormalige havezaten Langen
en Diepenbroek van de hand. Het goed kwam nu in handen van mr. Arnold Henry Peter
Hubert. Zijn huwelijk met Geertruda Wijnanda Thin van Keulen bleef kinderloos. Zijn
14-
Na hun door in 1907 viel het goed in stukken uiteen. Het huisperceel kwam in vele
verschillende handen. Er is nu de politieschool Noordoost-

