Kasteel de Berckt ligt aan de oude Romeinse heerweg tussen Kessel en Venlo, in het
stadje Baarlo. In documenten uit 1279 werd Godefridus vam Eyll reeds vermeld als
eigenaar van de burcht. In 1324 had Tilman van Eyll de Berckt in leen. In 1563 was
Edmond Criekenbeek bezitter van het goed, wiens erfdochter Agnes in 1594 het kasteel
als bruidschat schonk aan Godfried van Hardenraet.
Daarna werden Johana Aleida van Hardenraet en haar eerste man Lambert van Pollaert
en verolgens haar tweede man, baron Hans Frederik de Rhoe d’Obsinnigh eigenaar van
de Berckt. De baron sneuvelde in 1704 als luitenant-generaal in dienst van de Republiek
der Verenigde Provinciën, in de oorlog in Portugal. Zijn dochter Thérèse Florentine
erfde het kasteel en huwde in 1708 Willem II Philip d’Olne. Zij overleed in 1754.
De gevel van het poortgebouw van de huidige Berckt draagt nog steeds hun alliantiewapen.
Het huis werd in 1833 verkocht aan Johan Lodewijk Theordoor Antoon Liborius, baron
de Scherpenzeel Heusch, toen erven van de familie d’Olne naar kasteel Scheres verhuisde.
Deze baron liet het kasteel slopen en een nieuw gebouw in Italiaanse stijl neerzetten.
De burgemeester van Echt, A.H.G. Coenegracht kocht in 1869 het kasteel aan en verkocht
het in 1901 aan Franse Karmelietessen die het als klooster gingen gebruiken. Toen
zij in 1922 terugkeerden naar Frankrijk deden ze het goed over aan de paters Franciscanen.
Na jaren leegstand betrokken in 1931 de paters van Het Heilig hart het gebouw. In
1954 werd er een kapel bijgebouwd en in 1956 een verbinding tussen poorthuis en zijvleugel
aangelegd. In 1981 vond een restauratie plaats. De uit Arcen afkomstige Nagels verwierf
het kasteelcomplex in 1994 en maakte er een groepsaccommodatie van.