

specials:
©2010 Guus
Pauwels
Disclaimer
bezoeker
Laatste update
21 maart 2012




Kasteel Cannenburch
Maarten v. Rossumplein 4
8171 EB Vaassen
Provincie Gelderland

|
Noorderbreedte Oosterlengte |
52° 17' 31.35" N 5° 57' 54.65" E |

De eerste vermelding van de Cannenburgh stamt uit 1365. Vanaf 1402 was het kasteel een leengoed van de hertogen van Gelre. In 1543 verwierf de Gelderse veldmaarschalk Marten van Rossum de resten van het middeleeuwse leengoed.
Marten was jong als krijgsheer in dienst getreden van Karel van Egmond hertog van
Gelre en bracht het tot bevelhebber van diens troepen. De vijand was de Habsburgse
keizer Karel V, tegen wie hij in Overijssel en Utrecht veldtochten ondernam, die
meer als plundertochten bestempeld kunnen worden. Maar ook het zuidelijke Brabant
had te lijden van zijn zwerf-
Marten begon in 1543 met de bouw van de Cannenburch, een drie verdiepingen tellend slot, met een naar voren uitspringende toegangstoren, voorzien van natuurstenen ornamenten in renaissancestijl. Dat dit nieuwe Cannenburch gebouwd werd op de restanten van zijn middeleeuwse voorganger, is nog zichtbaar in de kelderruimten van het huidige kasteel. Bij zijn overlijden op zevenenzeventig jarige leeftijd aan een besmettelijke ziekte, in juni 1555 waren de bouwactiviteiten nog niet voltooid.
Omdat Marten ongehuwd was vererfde de Cannenburch op zijn zus Margriet van Rossum, weduwe van Johan van Isendoorn. Na haar dood vier jaar later ging het goed over op haar oudste zoon Hendrik van Isendoorn à Blois, die het bouwplan van het kasteel voltooide, waarna dit geslacht ruim drie eeuwen, tot 1881 de scepter over de Cannenburgh voerde.
Tussen 1661 en 1664 werd het kasteel aan de westkant uitgebreid door Elbert van Isendoorn à Blois en zijn tweede vrouw Odilia Catharina van Wassenaer, waardoor de 16e eeuwse symmetrie van het gebouw verloren ging. Bijna een eeuw later vond een tweede modernisering plaats, nu onder leiding van de Elberts kleinzoon, Frederik Johan en diens vrouw Anna Margaretha gravin van Renesse. Zij lieten twee bouwhuizen aan weerzijde van het voorplein optrekken en een nieuwe stenen brug over de gracht naar de vernieuwde zandstenen ingangspartij aanleggen. Hierna is aan de hoofdvorm van het kasteel nauwelijks iets wezenlijks veranderd.
In 1881 stierf Charlotte barones van Oldenzeel tot Oldenzeel, laatste bewoonster
en douairière van Isendoorn, kinderloos. De inboedel werd geveild en het scheelde
weinig of het kasteel was afgebroken. De sloop werd voorkomen doordat baron Van Lynden
het kasteel in 1882 aankocht. In 1905 kwam het in bezit van mevrouw F.A.F. Cleve-

