Kastelen & buitenplaatsen in Nederland
Guus Pauwels

Laatste update

12 mei 2017

Bezoeker

Home.
Brabant.
Drenthe.
Flevoland.
Friesland.
Gelderland.
Groningen.
Limburg.
Noord Holland.
Overijssel.
Utrecht.
Zeeland.
Zuid Holland.
Diversen .
Foto pagina
alle gegevens op een rij
Beschrijving Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed
Den Bramel

Kasteel den Bramel

Almenseweg 47

7251 HN Vorden

Gemeente Bronckhorst

Provincie Gelderland

 

Noorderbreedte

Oosterlengte

52° 7' 18.15" N

6° 18' 39.81" E

Het kasteel ligt ten noorden van Vorden aan de weg van Vorden naar Almen, tegenover het huis Nieuw Enzerinck. De eerste vermelding van het kasteel dateert uit 1396. Dan is er sprake van een zekere Gerrit den Bramel, ook wel Van Brameren genoemd. Het huidige huis werd pas in 1725 gebouwd met gebruikmaking van oud muurwerk. Zijn huidige verschijningsvorm verkreeg het kasteel rond 1863 toen Imilius Frederik Storm van ´s Gravezande en zijn vrouw Ernestina Amoena Sophia van Heeckeren van Waliën eigenaren waren. In 1861  werd het huis voorzien van een neorenaissance trapgevel. In 1881 kwam er een leistenen dak op en werd het daktorentje geplaatst. In die tijd is ook de dubbele stoep verdwenen en maakte plaats voor een zandstenen ingangpartij, aan het oog onttrokken door een neogotisch voorportaal met een spitsje. Het echtpaar Storm overleed kort na elkaar. In 1897 werd het landgoed in delen verkocht. Heinrich Thate kocht het kasteeltje met enige grond. Hij kocht het voor zijn zoon. Een nazaat van dit gesalcht, de weduwe Blom-Thate bewoond het kasteel nog heden ten dage. Het landgoed met een aantal eeuwen oude bomen is opengesteld voor het publiek, het kasteeltje en de daarbij behorende tuinen is prive. 
  • Stichtingsperiode

    • 14e eeuw
  • Typologie

    • twijfel over verdedigbaarheid
  • Status / bouwgeschiedenis

    • goed. Tussen 1626 en 1670 werd een nieuw huis op de oude fundering gebouwd. In 1726 volgt een verder uitbreiding zodat het huis zijn huidige aanzien krijgt. Den Bramel (Almenseweg 47), gelegen ten noorden van Vorden, wordt als goed voor het eerst vermeld in 1396. Kort na 1645 verrees een eerste huis voor Willem Vehr, waarvan mogelijk nog een deel van de kelders en het zandstenen toegangspoortje resteren. Johan van Hassel liet het huis in 1720-'26 in zijn huidige hoofdvorm herbouwen. De klok in het koepeltorentje stamt uit 1735. In opdracht van I.F. Storm van 's Gravesande kwamen er diverse moderniseringen tot stand, waaronder in 1881 een nieuwe neogotische ingangspartij met geveltorentje. In het park bevinden zich een theekoepel en een putto - afkomstig van een orgel (circa 1880) -, een oranjerie en een midden-19de-eeuwse hoeve met stallen.
  • Bouwgeschiedenis

    • De oudste vermelding van Den Bramel stamt uit 1396, maar het is onduidelijk wanneer de middeleeuwse voorganger van het huidige huis precies werd gebouwd. Volgens Stenvert, Kolman, Broekhoven en Olde Meierink en Ter Kuile verrees er een eerste huis voor Wilem Vehr in 1645 (waarom dan toch in Lexicon?). Waarschijnlijk heeft Johan van Hasselt tot den Bramel tussen 1720 en 1726 eeuw een nieuw huis laten bouwen op de plaats van het middeleeuwse huis. Het jaartal 1726 op het windijzer van het koetshuis en het jaartal 1735 op de bel in het koepeltorentje van het huis lijken daar eveneens op te wijzen. Johan heeft bij deze herbouw gebruik laten maken van veel oud muurwerk. Vooral in de kelders van Den Bramel zijn de sporen van verschillende bouwperioden aan te wijzen. Imilius Frederik Storm vergrootte en verbeterde, net als zijn vader Carel Jan Julius Storm, zijn bezit. Hierbij bracht ook veranderingen aan huis Den Bramel aan. Hij liet een uitbouwsel aan het huis opknappen in zestiende-eeuwse stijl. In 1881 werden de dakpannen vervangen door leien. Toen men het dak vernieuwde heeft men waarschijnlijk ook de neogotische ingangspartij met balkon en het daktorentje aangebracht. Hiervoor moesten de dubbele stoep en de zandstenen ingangspartij in neoclassicistische stijl wijken. Ook de stalgebouwen verplaatste men naar een andere plaats, rechts van het huis.
  • Bezitsgeschiedenis

    • De vroegst bekende bezitters van Den Bramel waren Gerrit van Bramel en zijn vrouw Jutte rond 1396. Den Bramel bleef lange tijd in de familie. In 1524 kwam Den Bramel in handen van Mechteld van den Bramel. Zij stierf in 1525. Mechteld had Den Bramel bij testament vermaakt aan haar tante, zuster Jutte in het klooster Isedoorn te Zutphen. Deze Jutte werd in 1536 met het huis beleend, waarbij Lorenzo Vehr als hulder diende. Den Bramel werd in 1538 op Lorenzo getransporteerd. In 1557 werd hij na zijn dood door zijn zoon Willem als heer van Den Bramel opgevolgd. De familie Vehr bleef tijdens de tachtigjarige oorlog katholiek en Spaansgezind. Hierdoor waren zij uitgesloten van openbare ambten. In 1626 werd Willems kleinzoon, die eveneens Willem heette, beleend met Den Bramel. Deze tweede Willem probeerde door het verwerven van grondbezit aanzien te krijgen, aangezien het vervullen van ambten voor hem uitgesloten was. Mogelijk heeft hij kort na 1645 een nieuw huis laten bouwen op zijn landgoed, waarbij hij veel gebruik maakte van oud muurwerk. Willem Vehr kwam in financiële moeilijkheden. Als gevolg daarvan moest hij in 1674 Den Bramel afstaan aan zijn schuldeiser Johan van Hasselt. Aanvankelijk ging dit echter niet door. Na het overlijden van Willem in 1683, noemde zijn zoon Laurens zich nog Heer tot Den Bramel. In 1685 werd Den Bramel dan toch definitief aan Van Hasselt overgedragen. Den Bramel bleef in handen van de familie Van Hasselt tot 1797. In dat jaar werd Jan Reinier ten Behm Wentholt, de schoonzoon van de laatste mannelijke Van Hasselt, met het goed beleend. In 1798 transporteerden deze nieuwe eigenaar en zijn echtgenote Den Bramel op Johan Frederik Nering Bögel en diens echtgenote Maria Elisabeth Hodson. Zij droegen het landgoed op hun beurt in 1804 weer over aan George Frederik Kummich junior. George Frederik Kummich overleed kinderloos in 1811. zijn moeder verkocht het huis in 1824 aan Carel Jan Julius Storm van 's-Gravensande. Hij was getrouwd met Anna Maria van Poppenhuijsen. Dit echtpaar breidde Den Bramel uit met allerlei aankopen. Carel Jan Storm overleed in 1853. In 1892 stierf zijn weduwe van Imilius Frederik Storm. Zij hadden meerdere kinderen, waardoor Den Bramel in 1897 in percelen verkocht moest worden. Het huisperceel met 3,5 hectare grond werd gekocht door Heinrich Thate. Zijn kleinzoon, eveneens Heinrich Thate geheten, bewoont het huis nog steeds.
  • Afmetingen

  • Oudste vermelding

    • Datum: 1396 Bron: leenregister In 1396 lijftochtte Gerrit van Bramel zijn echtgenote Jutte aan het goed (Eliëns en Harenberg, 1984, 47).
  • Functie

    • woning
  • Synoniemen

    • Een samentrekking van 'braam' (wilde vrucht) en 'loo' (bos)
  • Etymologie

    • Waarschijnlijk is de naam 'Den Bramel' samengesteld uit de vruchtnaam 'braam' en het woord 'loo', wat bos betekent.
  • Relevante links

  • Rijksmonument nummer

    • 529303
  • Literatuur

  • info vorden